Nederlandse callcenters krijgen veel extra werk door recessie

De callcenters lijken als een van de weinige grote werkgevers in ons land nog volop vacatures te hebben. De brancheorganisaties voor belcentrales zijn door arbeidsbureau UWV benaderd om structureel vacatures te leveren.
Herman Nieuwenhuis van de WGCC, de brancheorganisatie van zelfstandige callcenters: "Ondanks de crisis zijn de omzetten vorig jaar gelijk gebleven, er was zeker geen sprake van een slecht vierde kwartaal."

Ook de VCN, die callcenters vertegenwoordigt die onderdeel zijn van een bedrijf (zoals bijvoorbeeld zorgverzekeraar CZ of belbedrijf T-Mobile) ziet nog volop werk. "De impact van de crisis is bij ons absoluut kleiner dan in andere branches", zegt Ineke van den Bor van VCN. "Bij veel callcenters neemt de werkgelegenheid nog toe, wel is het zo dat vacatures beter en sneller worden ingevuld."

Tijdens een crisis wordt het volgens de brancheorganisaties voor bedrijven nóg belangrijker contacten met klanten goed te houden en bestaande klanten te behouden. Nieuwenhuis: "Bedrijven blijven op zoek naar besparingen op kosten. Het benaderen en beheren van klanten via de telefoon is aanmerkelijk goedkoper dan ze aan te spreken via bijvoorbeeld advertenties."

In de hoogtijjaren hadden callcenters vaak moeite personeel te vinden. Vanwege de grote concurrentie op de arbeidsmarkt, maar ook vanwege het negatieve imago van het belwerk als gevolg van de als irritant ervaren verkooptelefoontjes, waarbij consumenten ongevraagd worden opgebeld met aanbiedingen.

Nieuwenhuis: "We zien dat nu veranderen. Door de huidige situatie op de arbeidsmarkt merken we dat er anders tegen het werk in callcenters aangekeken wordt."

In Nederland zijn ongeveer 180 zelfstandige callcenters actief, vorig jaar goed voor een omzet van 530 miljoen euro. Ruim 1600 Nederlandse bedrijven hebben eigen contactcenters. Samen handelen ze per jaar 550 miljoen telefoontjes af en bieden ze werk aan 120.000 mensen, over het algemeen parttimers.